Jullie berekenen een verbouwingsbudget in vier stappen: zet alle wensen op volgorde van prioriteit, verzamel richtprijzen per klus, tel daar 15 tot 20 procent onvoorzien bovenop en check pas daarna hoe jullie het totaalbedrag financieren. Reken in 2026 gemiddeld € 4.000 tot € 22.000 voor een badkamer, € 5.000 tot € 30.000 voor een keuken en € 20.000 tot € 46.000 voor een uitbouw. Het subtotaal van alle klussen plus de onvoorzien-buffer is jullie totale verbouwingsbudget.
- Een verbouwingsbudget bereken je in vier stappen: prioriteiten stellen, richtprijzen verzamelen, 15 tot 20 procent onvoorzien optellen en de financiering rond maken.
- Een badkamer kost in 2026 gemiddeld € 4.000 tot € 22.000, een keuken € 5.000 tot € 30.000 en een uitbouw € 20.000 tot € 46.000.
- Verbouwen wordt duurder: de bouwkosten van nieuwbouwwoningen lagen in juni 2026 volgens het CBS 5,0 procent hoger dan een jaar eerder.
- Voor energiebesparende maatregelen mogen jullie in 2026 tot 106 procent van de woningwaarde lenen, in plaats van de standaard 100 procent.
- Wie het budget wekelijks bijwerkt en meerwerk alleen schriftelijk accepteert, houdt tijdens de verbouwing echt grip op de kosten.
Hoeveel kost een verbouwing gemiddeld in 2026?
Een verbouwing kost in 2026 al snel enkele duizenden euro's per ruimte, en bij grotere ingrepen loopt het totaal op tot tienduizenden euro's. Volgens Nationale-Nederlanden kost een nieuwe badkamer in 2026 gemiddeld € 4.000 tot € 22.000, een keuken € 5.000 tot € 30.000 en een uitbouw € 20.000 tot € 46.000. Een dakkapel zit in 2026 gemiddeld tussen de € 7.000 en € 14.000. De bandbreedtes zijn breed, omdat de prijs sterk afhangt van de afmetingen, het afwerkingsniveau en hoeveel jullie zelf doen.
Houd er ook rekening mee dat verbouwen elk jaar duurder wordt. Volgens het CBS lagen de bouwkosten van nieuwbouwwoningen in juni 2026 5,0 procent hoger dan een jaar eerder, vooral door gestegen loonkosten. Een offerte van vorig jaar is dus geen betrouwbare basis meer voor jullie budget van nu.
| Verbouwing | Richtprijs 2026 (incl. btw) |
|---|---|
| Badkamer | € 4.000 tot € 22.000 |
| Keuken | € 5.000 tot € 30.000 |
| Dakkapel | € 7.000 tot € 14.000 |
| Uitbouw | € 20.000 tot € 46.000 |
| Tuin | € 60 tot € 250 per m² |
Bron: Nationale-Nederlanden, prijspeil 2026. Willen jullie per ruimte preciezer weten waar het geld heen gaat, van tegelwerk tot installatie? Lees dan ook onze uitsplitsing van de kosten van een verbouwing per ruimte.
Stap 1: van wensenlijst naar prioriteiten
De eerste stap van een verbouwingsbudget is niet rekenen, maar kiezen: zet alles wat jullie willen doen op één lijst en verdeel die in drie categorieën. Categorie 1 is moet nu: alles wat noodzakelijk is voor veiligheid, comfort of om schade te voorkomen, zoals een lekkend dak of verouderde elektra. Categorie 2 is graag nu: de klussen die het huis echt van jullie maken, zoals een nieuwe keuken. Categorie 3 is kan later: alles wat mooi is, maar prima een paar jaar kan wachten.
Deze volgorde voorkomt de klassieke valkuil dat het budget opgaat aan zichtbare dingen, terwijl de fundering van het plan blijft liggen. Neem Sam en Noah: zij wilden eerst alleen een nieuwe keuken, tot ze ontdekten dat de groepenkast uit 1978 die keuken helemaal niet aankon. Door eerst te prioriteren kwam de elektra bovenaan te staan en schoof de inloopkast door naar volgend jaar.
Maak de lijst samen, niet ieder voor zich. Jullie hoeven het niet meteen eens te zijn, maar elke klus die op de lijst staat, moet door jullie allebei in een categorie zijn gezet. Zet de lijst daarna om in een concrete klussenlijst met per klus een schatting, zodat stap 2 makkelijker wordt. Hoe jullie van die lijst naar een volledige planning met vergunningen en aannemers komen, lees je in het stappenplan voor het plannen van een verbouwing.
Stap 2: verzamel richtprijzen en offertes
In stap 2 hangen jullie aan elke klus op de prioriteitenlijst een bedrag: eerst een richtprijs voor de grove berekening, daarna echte offertes voor de klussen die jullie uitbesteden. Vraag voor elke grote klus minimaal drie offertes aan en let daarbij niet alleen op de totaalprijs, maar ook op wat er precies in zit: materiaal, arbeid, afvoer van puin en btw. Twee offertes die € 3.000 verschillen, blijken vaak gewoon verschillende dingen te beloven.
Check ook welk btw-tarief geldt, want dat scheelt flink. Voor schilderen, stukadoren en behangen aan een woning die ouder is dan 2 jaar betalen jullie in 2026 het lage btw-tarief van 9 procent in plaats van 21 procent, inclusief de gebruikte materialen. Ook voor het aanbrengen van isolatiemateriaal geldt 9 procent op de arbeid. Voor de meeste andere verbouwklussen, zoals een nieuwe keuken of badkamer, geldt het normale tarief van 21 procent (Belastingdienst).
Zet alle bedragen bij elkaar in één overzicht: per klus de richtprijs of offerte, en of het bedrag inclusief of exclusief btw is. Het totaal van deze lijst is jullie subtotaal, nog zonder buffer.
Hoeveel moeten jullie reserveren voor onvoorziene kosten?
Reserveer bovenop het subtotaal 15 tot 20 procent voor onvoorziene kosten. Nationale-Nederlanden adviseert in 2026 een extra buffer van 10 tot 20 procent bovenop het totale verbouwingsbudget, en bij oudere huizen zitten jullie met de bovenkant van die bandbreedte veiliger. Bij een subtotaal van € 30.000 betekent dat dus € 4.500 tot € 6.000 extra achter de hand.
Onvoorzien klinkt vaag, maar in de praktijk is het bijna altijd hetzelfde rijtje: verborgen gebreken die pas zichtbaar worden als de muur open is (rotte balken, oude leidingen, asbest in huizen van voor 1994), prijsstijgingen tussen offerte en uitvoering, en meerwerk omdat jullie tijdens de verbouwing toch iets anders willen. Wie zonder buffer begint, moet halverwege kiezen tussen lenen, bezuinigen op afwerking of stilleggen. Alle drie duurder en frustrerender dan vooraf reserveren.
Belangrijk: de onvoorzien-buffer is geen "leuke extra's"-potje. Spreek samen af dat jullie er alleen aan komen voor echte tegenvallers, en dat wat overblijft na de verbouwing terug de spaarrekening op gaat. Het Nibud adviseert huishoudens sowieso een financiële buffer aan te houden voor onverwachte uitgaven aan huis en inboedel; met de BufferBerekenaar van het Nibud rekenen jullie uit welk bedrag bij jullie situatie past. Die algemene buffer staat los van het verbouwingsbudget en blijft dus onaangeroerd.
Hoe financieren jullie de verbouwing?
Er zijn drie gangbare manieren om een verbouwing te betalen: spaargeld, een (verhoogde) hypotheek met bouwdepot of een persoonlijke lening. Welke past, hangt af van het bedrag, jullie spaarpot en of de verbouwing de woning meer waard maakt.
Spaargeld
Spaargeld is de goedkoopste optie: geen rente, geen advieskosten en geen maandlasten erbij. Hou wel altijd een persoonlijke buffer achter de hand voor gewone tegenvallers zoals een kapotte wasmachine of autopech. Sparen jullie nog voor een koopwoning en komt de verbouwing daarna? Lees dan ook hoe jullie gericht sparen voor een huis.
Verbouwingshypotheek met bouwdepot
Bij grotere bedragen kunnen jullie de hypotheek verhogen of bij aankoop direct een verbouwingsbedrag meefinancieren. De bank stort dat bedrag in een bouwdepot, waaruit jullie de rekeningen van aannemers en leveranciers declareren. In 2026 mogen jullie maximaal 100 procent van de woningwaarde lenen; alleen voor energiebesparende maatregelen mag daar 6 procent bij, tot 106 procent (Milieu Centraal). Heeft de woning energielabel E, F of G, dan mag de bank in 2026 bovendien tot € 20.000 buiten de inkomenstoets laten voor energiebesparende maatregelen; bij label C of D is dat € 15.000. Lenen jullie met Nationale Hypotheek Garantie, dan ligt de NHG-grens in 2026 op € 470.000 en loopt die op tot € 498.200 als het extra bedrag volledig naar energiebesparende voorzieningen gaat.
Persoonlijke lening
Voor kleinere bedragen die jullie niet hebben gespaard, is een persoonlijke lening soms praktischer dan de hypotheek aanpassen: geen taxatie of notaris nodig. De rente is wel hoger dan hypotheekrente, dus vergelijk de totale kosten over de hele looptijd voordat jullie tekenen.
Voorbeeldbudget: de verbouwing van Sam en Noah
Een voorbeeldbudget maakt de vier stappen concreet. Sam en Noah kochten een jarendertigwoning en willen in één klap de badkamer, de keuken en het schilderwerk aanpakken. Na het opvragen van offertes ziet hun budget er zo uit:
| Post | Bedrag (incl. btw) |
|---|---|
| Badkamer renoveren (offerte) | € 14.000 |
| Keuken vervangen (offerte) | € 12.500 |
| Elektra: groepenkast en extra groepen | € 1.500 |
| Vloer benedenverdieping | € 4.200 |
| Stuc- en schilderwerk (9% btw) | € 3.800 |
| Subtotaal | € 36.000 |
| Onvoorzien (15%) | € 5.400 |
| Totaal verbouwingsbudget | € 41.400 |
De financiering: Sam en Noah betalen € 25.000 uit spaargeld en financieren € 16.400 mee in hun hypotheek via een bouwdepot. Hun persoonlijke Nibud-buffer van vier maanden vaste lasten laten ze bewust staan. Omdat het stuc- en schilderwerk onder het 9 procent-tarief valt, scheelt dat hen ruim € 400 ten opzichte van het hoge btw-tarief.
Let op wat er niet in de tabel staat: de inloopkast en de tuin. Die stonden in categorie "kan later" en zijn bewust doorgeschoven. Zo blijft het budget behapbaar en is er ruimte als de onvoorziene post toch nodig blijkt.
Download het gratis Excel-verbouwbudgetHoe bewaken jullie het budget tijdens de verbouwing?
Een budget bewaken doen jullie door elke uitgave direct te noteren en het overzicht minimaal wekelijks samen door te nemen. De meeste budgetoverschrijdingen ontstaan niet door één grote tegenvaller, maar door tientallen kleine beslissingen: net iets mooiere kranen, een extra stopcontact, toch de duurdere tegels. Los zijn ze klein, samen vormen ze duizenden euro's.
Drie afspraken die in de praktijk het verschil maken:
- Meerwerk alleen schriftelijk. Vraag bij elke wijziging eerst een prijs op papier of in een appje voordat de aannemer doorgaat. Mondeling "dat regelen we wel" is de snelste route naar een verrassing op de eindfactuur.
- Eén plek voor alle bedragen. Zet offertes, aanbetalingen en bonnetjes op één gedeelde plek in plaats van in twee hoofden en drie mailboxen. In de Onsie-app houden jullie per klus het verbouwbudget bij, zodat jullie allebei realtime zien wat is uitgegeven en wat er nog over is.
- Een vast beslismoment per week. Neem elke week een kwartier om uitgaven, meerwerk en de planning door te lopen. Kleine koerscorrecties op tijd zijn pijnloos; dezelfde correcties na drie maanden niet meer.
Loopt de teller toch richting de bovengrens, grijp dan terug op de prioriteitenlijst uit stap 1: schuif eerst klussen uit categorie "kan later" door en beknibbel pas daarna op afwerking. Gebruik naast het budget ook een verbouwing checklist, zodat jullie naast het geld ook de volgorde en afspraken op orde houden.



